De Loonse en Drunense Duinen bestaat uit levende zandverstuivingen, die omringd zijn door hoger gelegen loof- en naaldbossen. In het zuiden liggen de nattere gebieden: De Brand en de Leemkuilen. De Brand bestaat uit beekgeleidende bossen en moerassen. De Leemkuilen zijn plassen die werden gegraven voor de winning van leem en zand. In de vennen, stuifzanden en droge heide, oude eikenbossen en bossen langs beken (Zandleij) komen onder meer de zeldzame kamsalamander en drijvende waterweegbree voor.

Heide en stuifzand behouden

Vanaf de 14e eeuw werden de Loonse en Drunense Duinen, door intensief begrazen en plaggen van heide, steeds groter. Om het stuiven tegen te gaan, werden eiken aangeplant en in de 19e eeuw op grote schaal naaldbomen. Zo veranderde het gebied voor een groot deel in bos. Om de heide en stuifzand in het gebied te behouden, moet er ingrijpende bomenkap plaatsvinden. Natuurmonumenten voerde recent al het stuifzandherstelplan uit, maar ingrijpen blijft ook in de toekomst noodzakelijk. Het is bovendien nodig om enkele exotische planten, de watercrassula en grote waternavel, terug te dringen. Alleen op die manier behouden we de balans in de natuur die ervoor zorgt dat dit gebied zo uniek is.

Beheerplan

De provincie heeft voor het gebied een ontwerpbeheerplan opgesteld. Hierin staat hoe de provincie de komende 6 jaar de leefomgeving van zeldzame dier- en plantensoorten wil verbeteren en welke herstel- en beheermaatregelen nodig zijn. Ook leest u in het plan voor welke activiteiten een Natuurbeschermingsvergunning nodig is en welke voorwaarden voor andere activiteiten gelden. Het beheerplan is nog niet in werking getreden. Dit gebeurt pas na bekendmaking ervan in de Staatscourant.

Contact

Loonse en Drunense Duinen

Zie ook