Deze video gaat over Bewust werken met mest

Om de naleving van de mestwetregelgeving effectief te handhaven zet de overheid in op vaker en strenger controleren. Fraudeurs worden opgespoord en aangepakt.

Doelstellingen

In 2018 startte het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit het landelijke programma ‘Versterkte Handhavingsstrategie Mest’ (VHS). Verschillende lokale, regionale en landelijke overheidsinstanties werken hierin samen aan een betere naleving van de mestregelgeving en het terugdringen van overtredingen met mest. Met als doelstellingen:

  • verbeteren kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater;
  • voorkomen verslechtering van biodiversiteit;
  • eerlijk speelveld creëren voor alle ondernemers die te maken hebben met mest.

Gebiedsgericht Handhaven Mest

In de VHS is Oost-Brabant en Limburg-Noord aangemerkt als een gebied waar de verbetering van de waterkwaliteit achterblijft en terugloopt. De regio kenmerkt zich door intensieve veehouderij. De agrarische bedrijven in dit gebied produceren grote hoeveelheden mest. De mestdruk en het risico op overtredingen met mest is groot. Daarom is het gebied aangemerkt als risicogebied en is het toezicht geïntensiveerd.

In het project ‘Gebiedsgericht Handhaven Mest Oost-Brabant en Limburg-Noord’ (GGH Mest) wordt door samen te werken intensief toezicht gehouden en gecontroleerd op naleving van de regels rond het gebruik van mest. Er wordt informatie gedeeld en overtreders worden opgespoord en aangepakt. Het doel is om de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater te verbeteren en voor alle ondernemers in de mestketen een eerlijk speelveld te creëren.

Gevolgen slechte kwaliteit grond- en oppervlaktewater

Overbemesting en lozingen kunnen zorgen voor algengroei en zuurstofloosheid in het oppervlakte- en grondwater. Dit leidt tot verslechtering van de (grond)waterkwaliteit en heeft daarmee gevolgen voor de landbouwgewassen, het vee en de biodiversiteit. Een verslechterde biodiversiteit leidt tot minder of zelfs het verdwijnen van plant- en diersoorten.

Politieke achtergrond

Met een derogatievergunning mag op landbouwgrond per hectare 230 tot 250 kg stikstof uit dierlijke mest op landbouwgrond worden gebruikt. Zonder die vergunning is dat 170 kg. De Europese Commissie heeft deze zomer het voorstel van het Nitraatcomité overgenomen om Nederland een verlenging van de derogatie voor 2020 en 2021 toe te kennen onder aanvullende voorwaarden, waaronder voor de regio Oost-Brabant en Limburg-Noord. Zo moet het gebiedsgericht handhaven op het naleven van de mestwetregelgeving worden geïntensiveerd.

Samenwerkende organisaties en hun rollen

  • Ministerie van Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit (LNV): formele opdrachtgever voor GGH Mest
  • Provincie Noord-Brabant: coördineert de uitvoering van de GGH Mest in Oost-Brabant en Limburg-Noord
  • Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO): analyseert de gegevens die leiden tot een concept-lijst voor gezamenlijke controles.
  • Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA): organiseert en regisseert de uitvoering van gezamenlijke controles en bewaakt de resultaten.
  • Openbaar Ministerie (OM): verantwoordelijk voor de strafrechtelijke vervolging
  • Waterschappen Aa en Maas, Limburg en Waterschap De Dommel: bewaken en houden toezicht op de waterkwaliteit
  • Gemeenten Meierijstad en Nederweert: bevoegd gezag met betrekking tot handhaving op overtreding van de mestregelgeving
  • Omgevingsdiensten Zuid-Oost Brabant en Brabant-Noord en Regionale Uitvoeringsdienst Limburg-Noord: houden toezicht en handhaaft de GGH Mest namens de gemeenten

Meer weten?

Heeft u vragen? Mail dan naar gghmest@brabant.nl.

Contact

Gebiedsgericht Handhaven Mest