Wetstechnische informatie

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieNoord-Brabant
OrganisatietypeProvincie
Officiële naam regelingVerordening nazorgheffing Noord-Brabant
CiteertitelVerordening nazorgheffing Noord-Brabant
Vastgesteld doorprovinciale staten
Onderwerpmilieu
Eigen onderwerpafvalverwerking, financieel kader

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Provinciewet, art. 220
  2. Provinciewet, art. 221
  3. Provinciewet, art. 227
  4. Provinciewet, art. 228
  5. Provinciewet, art. 229
  6. Provinciewet, art. 230
  7. Provinciewet, art. 231
  8. Provinciewet, art. 232a
  9. Provinciewet, art. 232b
  10. Provinciewet, art. 232c
  11. Provinciewet, art. 232d
  12. Provinciewet, art. 232e
  13. Provinciewet, art. 232f
  14. Provinciewet, art. 232g
  15. Provinciewet, art. 232h
  16. Wet milieubeheer, art. 15.44

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Beleidsregels nazorgheffing stortplaatsen 2004

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

14-04-2011art. 6, bijlage 1

25-02-2011

Provinciaal Blad, 2011, 86

Statenvoorstel 09/11
01-01-200614-04-2011nieuwe regeling

09-12-2005

Provinciaal Blad, 2005, 180

Statenvoorstel 75/05

Inhoud regeling

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening nazorgheffing Noord-Brabant

PROVINCIALE STATEN van Noord-Brabant

gezien het voorstel van Gedeputeerde Staten, d.d. 25 oktober 2005, alsmede de Memorie van Antwoord/Nota van Wijziging d.d. 29 november 2005; gelet op de artikelen 220 tot en met 221, 227 tot en met 232h van de Provinciewet en artikel 15.44 van de Wet milieubeheer; overwegende de wenselijkheid om met het oog op de toetsbaarheid en naleefbaarheid van provinciale regelgeving de Verordening nazorgheffing Noord-Brabant op onderdelen aan te passen;

Besluiten:

Verordening nazorgheffing Noord-Brabant

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    storten van afvalstoffen: op of in de bodem brengen van afvalstoffen, al dan niet in verpakking, om deze stoffen daar te laten;

  • b.

    stortplaats: inrichting waar na 1 september 1996 afvalstoffen zijn of worden gestort, dan wel het gedeelte van een inrichting, waar afvalstoffen worden gestort, indien in de inrichting niet uitsluitend afvalstoffen worden gestort;

  • c.

    gesloten stortplaats: stortplaats ten aanzien waarvan de in artikel 8.47, derde lid, van de Wet milieubeheer, bedoelde verklaring is afgegeven;

  • d.

    bedrijfsgebonden stortplaats: stortplaats waar uitsluitend afvalstoffen worden gestort, die afkomstig zijn van binnen de inrichting waartoe de stortplaats behoort;

  • e.

    niet-bedrijfsgebonden stortplaats: stortplaats niet zijnde bedrijfsgebonden stortplaats of stortplaats waar uitsluitend baggerspecie wordt gestort;

  • f.

    ton: gewichtseenheid van 1.000 kg;

  • g.

    doelvermogen; het voor de eeuwigdurende nazorg benodigde vermogen dat op het moment van aanvang nazorg moet zijn opgebracht.

Artikel 2 Aard van de heffing

Onder de naam 'nazorgheffing' wordt bij wijze van een directe provinciale belasting een heffing opgelegd ter bestrijding van de kosten gemoeid met:

  • 1.

    de in artikel 8.49 van de Wet milieubeheer bedoelde zorg voor de in de provincie Noord-Brabant gelegen stortplaatsen;

  • 2.

    de door de provincie Noord-Brabant uitgevoerde inventarisatie van plaatsen waar in deze provincie afvalstoffen zijn gestort en waar dat storten vóór 1 september 1996 is beëindigd en het onderzoek naar en systematische controle van de aanwezigheid, aard en omvang van eventuele verontreiniging aldaar.

Artikel 3 Belastingplicht

De nazorgheffing wordt geheven van degene die een stortplaats drijft.

Artikel 4 Vrijstellingen

De nazorgheffing wordt niet geheven ter zake van stortplaatsen waar baggerspecie is gestort en die worden gedreven of mede worden gedreven door de minister van Verkeer en Waterstaat.

Artikel 5 Maatstaf van de heffing

De nazorgheffing wordt geheven per stortplaats.

Artikel 6 Berekening van de heffing 

  • 1

    Het bedrag van de heffing is als volgt opgebouwd:

    • a.

      het doelvermogen, berekend overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid, voor de kosten genoemd in artikel 2, eerste lid;

    • b.

      een opslag, uitsluitend voor niet-bedrijfsgebonden stortplaatsen, voor de kosten genoemd in artikel 2, tweede lid.

  • 2

    Het basisbedrag, bedoeld in het eerste lid, onder a, wordt berekend op grondslag van het rekenmodel als opgenomen in bijlage 1 bij deze verordening.

  • 3

    De opslag als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, bedraagt € 0,90 per ton gestort afval per jaar.

Artikel 7 Belastingtijdvak

Het belastingtijdvak is gelijk aan de periode tussen inwerkingtreding van deze verordening en de aanvang van de nazorg nadat Gedeputeerde Staten verklaard heeft dat sprake is van een gesloten stortplaats.

Artikel 8 Wijze van heffing

De nazorgheffing wordt bij wege van aanslag geheven.

Artikel 9 Tijdstip van betaling

De verschuldigde nazorgheffing moet worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet.

Artikel 10 Nadere regels

Het college van Gedeputeerde Staten is bevoegd nadere regels te stellen met betrekking tot de heffing en invordering van de nazorgheffing.

Artikel 11 Kwijtschelding

In beginsel wordt bij de invordering van de heffing geen kwijtschelding verleend.

Artikel 11a Hardheidsclausule

Indien door bijzondere omstandigheden de strikte toepassing van deze verordening naar het oordeel van Gedeputeerde Staten zou leiden tot een niet gerechtvaardigde uitkomst, kunnen Gedeputeerde Staten afwijken van het bepaalde in deze verordening, mits de aard en strekking van deze verordening niet wordt aangetast.

Artikel 12 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1

    Deze verordening treedt in werking op de achtste dag na die van de bekendmaking.

  • 2

    Deze verordening kan worden aangehaald als 'Verordening nazorgheffing Noord-Brabant’.

Artikel 13 Referendum

Vervallen

’s-Hertogenbosch, 9 december 2005

Provinciale Staten voornoemd,

de voorzitter J.R.H. Maij-Weggen

 de griffier mw. drs. E.M.W.J. Wöltgens

Vragen over regelingen?

Contacten (2)

Open Links Sluit Links