Resultaten verversen automatisch bij selectie
De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. Deze handreiking gaat dan ook uit van het nieuwe stelsel voor het omgevingsrecht.
In deze paragraaf staan de belangrijkste onderwerpen die vanwege Europese, nationale en provinciale doelen een doorwerking moeten krijgen naar de gemeentelijke omgevingsvisie, gebiedsontwikkelingen, het WRP en eventuele andere programma’s.
Het gemeentelijk beleid moet gericht zijn op een samenhangende beschouwing van de fysieke leefomgeving en de daarbij betrokken belangen. Water en bodem zijn daarbij sturend.
In de provincie Noord-Brabant is zowel de hoeveelheid grondwater als de hoeveelheid oppervlaktewater te laag.
De verbetering van de waterkwaliteit stagneert, onder andere door toenemende droogte.
Overstromingen van grote rivieren en regionale watersystemen kunnen leiden tot verlies van mensenlevens en economische schade.
De agrarische sector is een belangrijke gebruiker van de bodem. Door het intensieve agrarische grondgebruik is de Brabantse bodem onvoldoende in staat om al haar bodemfuncties te leveren.
Bodemverontreiniging is een risico voor de gezondheid van mens, plant en dier en voor een onbeheersbare verspreiding in het milieu.
Naast de bodembelangen zijn er nog andere bodembelangen om rekening mee te houden. Deze worden hier kort aangestipt.