Voornemen om natuurvergunningen van piekbelastende veehouderijen nabij kwetsbare Natura 2000-gebieden in te trekken

17 juli 2026Landbouw en voedselNatuur en landschap

De provincie Noord-Brabant is voornemens om per oktober de natuurvergunningen van 5 veehouderijen nabij kwetsbare Natura 2000-gebieden in te trekken. Daarover zijn vandaag de betrokken ondernemers geïnformeerd. De intrekkingsprocedure start uiterlijk 1 oktober 2026, middels een ontwerpbesluit.

Ondernemers krijgen de mogelijkheid om 15 procent van de stikstofemissie van de natuurtoestemming over te houden voor het uitvoeren van activiteiten zonder het houden van landbouwhuisdieren. Dit besluit volgt op verzoeken van Mobilisation for the Environment (MOB) en Vereniging Leefmilieu en is genomen naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant van 16 april 2025.

Gedeputeerde Saskia Boelema: "Wij realiseren ons dat dit een ingrijpend besluit is voor de betrokken ondernemers. Tegelijkertijd hebben wij als overheid de verantwoordelijkheid om rechterlijke uitspraken uit te voeren en te handelen binnen de wettelijke kaders die voor ons gelden. We blijven met de ondernemers in gesprek over de gevolgen van deze voorgenomen besluiten en staan open voor alternatieve plannen voor de locaties. Alle zienswijzen en voorstellen worden zorgvuldig meegewogen bij de voorbereiding van de definitieve intrekkingsbesluiten."

Uitspraak van de rechter

Dit besluit heeft betrekking op veehouderijen die stikstof veroorzaken op de Natura 2000-gebieden Kampina & Oisterwijkse Vennen, Deurnsche Peel & Mariapeel, Groote Peel en Kempenland-West. MOB en Vereniging Leefmilieu hebben de provincie in maart 2023 verzocht in te grijpen bij veehouderijen die volgens hen een significante bijdrage leveren aan de stikstofbelasting van deze Natura 2000-gebieden.

Nadat de provincie deze verzoeken aanvankelijk had afgewezen, hebben beide organisaties beroep ingesteld bij de rechtbank. De rechtbank heeft deze besluiten in april 2025 vernietigd en geoordeeld dat de provincie nieuwe besluiten moest nemen.

De rechtbank heeft bepaald dat passende maatregelen moeten worden getroffen voor de bedrijven waarop de verzoeken betrekking hebben, tenzij binnen de gestelde termijn andere passende maatregelen worden getroffen of aangekondigd die binnen één jaar leiden tot een blijvende en substantiële daling van de stikstofdepositie op de betrokken Natura 2000-gebieden. Op dit moment is daarvan geen sprake. Ook bestaat er geen concreet zicht op een maatregelenpakket dat tijdig tot het vereiste resultaat leidt. Hoewel het Rijk maatregelen heeft aangekondigd, bieden deze op dit moment onvoldoende zekerheid omdat de uitwerking, uitvoering en juridische borging nog onvoldoende concreet zijn.

Volgens de rechtbank mogen de opgelegde beperkingen in beginsel niet leiden tot een beperking van meer dan 85% van de emissieruimte van een bedrijf, indien op de betreffende locatie daarna geen landbouwhuisdieren meer worden gehouden. Daarbij heeft de rechtbank aansluiting gezocht bij de voorwaarden van de Lbv- en Lbv-plusregeling. De provincie volgt deze lijn.

Intensief traject

In de periode tussen de uitspraak van de rechtbank en december 2025 heeft de provincie diverse gesprekken gevoerd met de betrokken ondernemers. Daarbij is onderzocht of een alternatieve oplossing mogelijk was die recht zou doen aan zowel de belangen van de ondernemers als aan de juridische opdracht uit de uitspraak. Dat onderzoek heeft niet geleid tot een uitvoerbaar en juridisch houdbaar alternatief waarmee deze voorgenomen besluiten achterwege konden blijven.


Heb je een vraag?

Stel je vraag via het formulier of bel naar het algemene nummer van de provincie.