In natuur- en agrarische gebieden, maar ook in de kom van dorpen en steden, wordt regelmatig afval gedumpt dat bij de productie van synthetische drugs overblijft. Het gaat daarbij om zeer gevaarlijke stoffen die de gezondheid schaden en het leefmilieu in gevaar kunnen brengen. Dit afval zit vaak in plastic tanks, jerrycans en gascilinders, maar er wordt ook op andere manieren afval gedumpt. Het merendeel van de dumpingen van drugsafval vindt plaats in Noord-Brabant, Limburg en Gelderland.

De veroorzaker van een drugsdumping is vaak niet te achterhalen. Hierdoor brengt het opruimen van drugsafval vaak een financiële last mee voor grondeigenaren zoals gemeenten, waterschappen, organisaties die natuurgebieden beheren maar ook voor particuliere grondeigenaren.

Tegemoetkoming kosten

Het Rijk stelde afgelopen 2 jaar steeds landelijk € 1 miljoen beschikbaar voor een provinciale subsidieregeling, om die last te verlichten. Voor de opruimkosten van het drugsafval die in 2017 zijn gemaakt, stelt het Rijk in 2018 opnieuw € 1 miljoen beschikbaar. Het geld wordt verdeeld over de provincies, op basis van het aantal bij de politie gemelde dumpingen. Gemeenten, terreinbeheerders en andere grondeigenaren die kosten hebben gemaakt voor het opruimen van drugsafval, kunnen ook dit jaar weer een subsidieaanvraag indienen. Deze subsidie bedraagt maximaal 50% van de gemaakte opruimkosten. Zie ook: Subsidie drugsafval aanvragen

Voor het tegemoet komen in de opruimkosten van de drugsafvaldumpingen in 2018 en daarna is er vanuit het Rijk nog geen duurzame financieringsoplossing voorhanden.