Oeffelter Meent

Kenmerkend voor het gebied zijn stroomdalgraslanden en glanshaverhooilanden omringd door heggen waarin voornamelijk meidoorn en sleedoorn voorkomen.

Doelen

Het gebied heeft belangrijke natuurlijke en cultuurhistorische waarden. De belangrijkste opgave is het vergroten en verbeteren van de stroomdalgraslanden en glanshaverhooilanden. Daarnaast moeten de kamsalamander en de kleine modderkruiper behouden blijven. Om deze doelen te bereiken is het belangrijk om te weten hoe het systeem van bodem, water en beheer op elkaar inspelen. De Oeffelter Meent is ook aangewezen als stikstofgevoellig natuurherstelgebied. Voor het herstel van de natuur zijn maatregelen nodig, zowel in het gebied zelf als in de omgeving.

Overstromingsgebied van de Maas

Een rivier laat bij overstromingen zand, zavel en klei achter. Zand vrij dicht bij de hoofdgeul en de fijnere kleidelen verder van de hoofdgeul af. Onder een graslandbeheer (maaien, grazen) ontwikkelt de natuurlijke begroeiing zich op relatief hoger gelegen en zandiger plaatsen tot stroomdalgraslanden. Bijzonder is de begroeiing op het oude rivierduin in het gebied. Op de zaveliger delen ontwikkelen zich glanshaverhooilanden. De stroomdalgraslanden kunnen alleen op zandiger delen voortbestaan als de verzuring van de zandige bodem teniet wordt gedaan door aanpak van de stikstofdepositie. En door enige aanvoer van basische stoffen via overstroming met rivierwater en de aanvoer van verstoven rivierzand. Glanshaverhooilanden zijn zoals de naam al zegt afhankelijk van een hooibeheer.

Beheerplan

Om de doelen te behalen, is het nodig om een aantal knelpunten op te lossen. De aanleg van natuurvriendelijk oevers langs de Maas is daarbij belangrijk. Aanpassing van het graslandbeheer (begrazing) is noodzakelijk voor behoud en herstel van de stroomdalgraslanden en glanshaverhooilanden. Verbetering van het leefgebied van kamsalamanders is nodig zodat hun aantal in het gebied kan toenemen en de soort overleeft. U kunt het beheerplan downloaden.

Zie ook