Bemesting in Sint Oedenrode

1. Mest in een circulaire landbouw

In een duurzame circulaire landbouw is mest een waardevol product dat kan dienen als grondstof voor nieuwe (biobased) producten en energie. Mest is dan geen afval. Met een goede bewerking voedt mest de bodem en de gewassen en wordt het eenvoudiger mest te transporteren. Hierdoor is het gemakkelijker om mest terug te brengen naar de gebieden waar het veevoer wordt verbouwd, zodat kringlopen meer worden gesloten. Ook kan mest ter vervanging van fossiele grondstoffen voor uiteenlopende biobased [linken naar https://www.brabant.nl/onderwerpen/economie/circulariteit-en-duurzaamheid/biobased-economy] toepassingen worden gebruikt.

2. Mest op het landbouwbedrijf

In veel stallen wordt poep (feces) met urine vermengd en opgeslagen als drijfmest. De provincie wil naar een situatie waarin mest bij de bron wordt gescheiden, vóórdat het wordt opgeslagen of het land ermee wordt bemest. Dat beperkt het verlies van waardevolle mineralen en verkleint het risico op ongewenste uitstoot (fijnstof, geur, ammoniak, methaan). De vermindering van uitstoot komt de kwaliteit van de leefomgeving en de volksgezondheid ten goede. Het bewerken van mest op het veehouderijbedrijf kan door (een combinatie van) de volgende manieren:

  • Vee anders houden, bijvoorbeeld door feces en urine direct bij de bron te scheiden en apart op te slaan;
  • Mest van eigen vee bewerken op het eigen erf, bijvoorbeeld door het te vergisten en/of drijfmest te scheiden in een dikke fractie, een dunne fractie en loosbaar water;
  • Mest direct afvoeren naar een centrale mestbewerkingslocatie.

Samen met het rijk, andere provincies en het bedrijfsleven werkt de provincie aan het ontwikkelen en het testen van nieuwe systemen. Innovatieve stalsystemen komen zo sneller beschikbaar voor veehouders.

3. Mestbewerking

Het Brabantse mestbeleid gaat uit van mest als waardevolle grondstof voor het verbeteren van de bodem en het telen van gezonde plantaardige gewassen. Het beleid creëert ruimte voor schone en veilige mestbewerking op geschikte locaties. De provincie wil voldoende mestbewerkingscapaciteit om een duurzame veehouderij te realiseren. Mestbewerking op een schaal die groter is dan de individuele veehouderijlocatie is een industriële activiteit die thuishoort op bedrijventerreinen. Deze zijn ingericht voor het beperken van overlast van verkeer, geluid, geur en voor het beperken van gevaren in het geval van calamiteiten. Bewerking op grote schaal heeft voordelen. Het zorgt voor:

  • meer mogelijkheden om van mest een waardevol product te maken;
  • meer mogelijkheden om specialistisch personeel in te zetten;
  • een goedkopere bewerking van mest.

Hierdoor voldoet het product dat ontstaat beter aan de wensen van de markt en blijven de risico’s beter beheersbaar. Omdat mest ziektekiemen bevat, stelt de provincie als eis dat bewerkingsinstallaties ‘potdicht’ zijn. Dat wil zeggen dat technieken gebruikt moeten worden om de uitstoot van (fijn)stof en daaraan gekoppelde ziektekiemen tot een absoluut minimum te beperken. Zo blijven de risico’s voor de volksgezondheid minimaal. Mestbewerkingsinstallaties moeten voldoen aan strenge eisen ten aanzien van de emissies van geur en ammoniak. Zij moeten veilig zijn en geen geluidsoverlast veroorzaken. Gedeputeerde Staten hebben maatregelen uitgewerkt om de volksgezondheid nabij mestbewerkingsinstallaties zo goed mogelijk te borgen.

4. Vergunningverlening, toezicht en handhaving

Voor goede naleving van regelgeving is het van belang dat betrokkenen niet alleen bekend zijn met de regelgeving maar er ook het nut en de noodzaak van inzien. In de Meststoffenwet zijn algemene regels over de productie, het verhandelen en het gebruik van dierlijke meststoffen vastgelegd. Een goede naleving van deze regelgeving is in het belang van de natuur, de voedselproductie, burgers én boeren.
Gemeenten verstrekken vergunningen voor onder andere stallen en mestbewerking op het erf van boerderijen. De provincie bepaalt waar centrale mestbewerking plaatsvindt. In het verleden werd de bouw van mestbewerkingsinstallaties in het buitengebied toegestaan. Het huidige provinciale mestbeleid laat alleen mestbewerking op bedrijventerreinen toe, op een drietal uitzonderingen voor het buitengebied na.

Bij centrale mestbewerkingsinstallaties verleent soms de gemeente, soms de provincie de benodigde vergunningen. De Brabantse gemeenten en de provincie stemmen op het gebied van mest en vergunningen hun afzonderlijke beleid zo veel mogelijk op elkaar af. Fraude in de agrarische sector, in het bijzonder met mest, is slecht voor de kwaliteit van de leefomgeving en veiligheid in Brabant. En het tast het imago van de landbouw aan. De provincie zorgt ervoor dat zij (mest)fraudeurs niet faciliteert met vergunningen, subsidies, vastgoedtransacties of hen inhuurt voor opdrachten. Daarnaast trekt zij samen met het rijk,gemeenten, waterschappen en overheidsdiensten op om het toezicht slimmer en effectiever te organiseren. Politie en Openbaar Ministerie draaien ook mee in deze samenwerking. Het digitaliseren, uitwisselen en analyseren van gegevens speelt daarbij een belangrijke rol.
De provincie stuurt via haar beleid, door te helpen bij het ontwikkelen en delen van de benodigde kennis en bij het opzetten van de benodigde (economische) netwerken.

Zie ook