Schema Wanneer moet ik mijn verouderde stalsysteem aanpassen?

Nieuwe regels

Er zijn nieuwe regels gekomen die zorgen voor de versnelde vervanging van verouderde stalsystemen, de wijze waarop dieren worden gehouden. Bovendien is de toegestane uitstoot van ammoniak aangescherpt. De volledige en juridisch geldende tekst vindt u in de Verordening natuurbescherming De provincie stimuleert emissieaanpak bij de bron. Voorbeelden hiervan ziet u in de infographic Toekomstbestendige stallen

Wat is een verouderd stalsysteem?

Een verouderd stalsysteem is een systeem dat niet voldoet aan de gestelde emissie-eisen en ouder is dan 15 of 20 jaar. De emissie-eisen zijn in de Verordening natuurbescherming voor 4 periodes. Veehouders hebben een deadline waarop ze hun verouderde stalsysteem moeten aanpassen. Om de 15 jaar (of 20 jaar voor rundvee) moet een stalsysteem opnieuw aan de dan geldende eisen voldoen. Welke emissie-eisen dat zijn, ligt eraan in welk jaar het stalsysteem 15 of 20 (alleen rundvee) jaar oud is. Een lijst met alle in Brabant toegestane emissiefactoren voor stalsystemen kunt u downloaden.

De periode gaat in op het moment waarop de eerste milieuvergunning voor het toegepaste stalsysteem onherroepelijk is geworden. Er wordt dus rekening gehouden met de eventuele periode van bezwaar of beroep. Als het stalsysteem ouder is dan 15 of 20 jaar, maar voldoet aan de geldende emissie eisen, hoeft het niet aangepast te worden. Het is dan geen verouderd stalsysteem.

Een rekenvoorbeeld

Is een stalsysteem bijvoorbeeld in 2025 15 jaar oud (of 20 jaar voor rundvee), dan moet het stalsysteem in 2025 zijn aangepast aan de emissie-eisen die gesteld zijn voor 2025. Voldoet het stalsysteem niet, dan mag de stal niet gebruikt worden. De emissie-eisen voor de laatste periode gelden voor de periode met ingang van 2028. Als een veehouder zijn stalsysteem in 2025 al aanpast naar de emissie-eisen van 2028, dan hoeft hij op basis van de huidige verordening niet opnieuw na 15 jaar (of 20 jaar voor rundvee) zijn stalsysteem te vernieuwen.

Verschil landelijke besluit en eisen in Brabant

Bedrijven die in juli 2017 niet voldeden aan het landelijke Besluit emissiearme huisvesting moeten hun stalsystemen voor 1 januari 2020 aanpassen. Deze bedrijven moeten ook voldoen aan de emissie-eisen die gesteld zijn in de Verordening natuurbescherming van Noord-Brabant. Bedrijven die in juli 2017 wel voldeden aan het landelijke besluit, maar een verouderd stalsysteem hebben, moeten hun stalsystemen op 1 januari 2022 hebben aangepast. Het gaat bij deze laatste bedrijven dus om stalsystemen voor runderen uit het jaar 2002 (of eerder) of om systemen voor alle andere dieren uit 2007 (of eerder).

Contact

Aanpassen verouderde stalsystemen

Zie ook

Links naar (2)

Open Links Sluit Links

Veelgestelde vragen (11)

Open Links Sluit Links
  • 1. Wanneer gaat de termijn van 15/20 jaar in?

    De termijn gaat in op het moment waarop de eerste milieuvergunning voor het betreffende stalsysteem onherroepelijk is geworden. Of dat daarvoor een melding voor de eerste keer is ingediend. Er wordt dus rekening gehouden met de eventuele periode van bezwaar of beroep.

  • 2. Geldt de termijn van 15 of 20 jaar voor de gehele stal?

    Nee, de termijn is van toepassing op elk stalsysteem dat aanwezig is in de stal. De leeftijd van de stal is dus niet van belang. In een stal kunnen verschillende systemen worden gebruikt, waar op verschillende momenten omgevingsvergunningen voor zijn aangevraagd. De termijn van 15 of 20 jaar kan daardoor binnen dezelfde stal op verschillende momenten gaan lopen.

  • 3 Als ik mijn stal uitbreid met hetzelfde maar nieuwer stalsysteem, welke termijn is dan geldig?

    Wanneer een stal is uitgebreid met hetzelfde, maar nieuwer stalsysteem gelden er twee (of meer) termijnen voor hetzelfde stalsysteem. De termijn voor het eerder vergunde systeem en de termijn voor het later – vanwege uitbreiding – vergunde systeem.

  • 4. Verandert de termijn van 15 of 20 jaar als de diercategorie wijzigt maar het stalsysteem niet?

    Nee, de eerste milieuvergunning voor het toegepaste stalsysteem is doorslaggevend voor het bepalen van de aanpassingstermijn. Dit geldt ongeacht de diersoort die in het systeem gehuisvest wordt.

  • 5. Geldt datum van 1 januari 2020 en 2022 op een locatie waar melkvee en varkens worden gehouden?

    Voldoen alle stalsystemen in het bedrijf aan het Besluit emissiearme huisvesting dan geldt de datum van 1 januari 2022.

    Voldoet het stalsysteem voor varkens niet aan het Besluit emissiearme huisvesting, dan kan deze slechts in gebruik zijn wanneer deze valt onder de Stoppersregeling actieplan ammoniak. De Stoppersregeling geldt alleen voor de varkens- en pluimveehouderij (en deze valt niet onder de IPPC richtlijn). Voor deze stalsystemen geldt vanuit de Stoppersregeling dat zij uiterlijk per 1 januari 2020 aangepast moeten zijn en moeten voldoen aan het Besluit emissiearme huisvesting.

    Het stalsysteem voor melkvee valt niet onder de Stoppersregeling en dient te voldoen aan de eisen van het Besluit emissiearme huisvesting. Aanpassingen van deze systemen per 1 januari 2020 is in het kader van het Besluit emissiearme huisvesting niet aan de orde. Voor deze systemen geldt de datum 1 januari 2022.

  • 6. Gelden de 4 kolommen met percentages ten tijde van indienen van een aanvraag?

    Vraag:

    Gelden de 4 kolommen met percentages ten tijde van indienen van een aanvraag? Of moet de stal in de betreffende periode voldoen aan deze percentrages?

    Antwoord:

    Deze percentages gelden op het moment van aanvragen.

  • 7. Wanneer wijzigt een stalsysteem?

    Wanneer oprichting of renovatie, waarvoor een omgevingsvergunning bouwen is verleend, leidt tot wijziging van een stalsysteem is er sprake van een ‘nieuwe stal’. Het systeem moet dan voldoen aan de emissiereductie-eisen uit bijlage 2. Wanneer de wijzigingen ertoe leiden dat er sprake is van een andere BWL code, is er volgens de Verordening sprake van een wijziging van het stalsysteem. Wanneer de aanpassingen plaatsvinden binnen de systeembeschrijving is er geen sprake van een wijziging van de BWL code en wijzigt het stalsysteem volgens de Verordening ook niet.

  • 8. Moet het stalsysteem dan in 2028 weer aangepast worden aan de dan geldende eisen?

    Het stalsysteem hoeft niet in 2028 weer aangepast te worden, maar - indien het niet voldoet aan de dan geldende eisen - na 15 of 20 jaar na de vergunningsverlening (onherroepelijk) of melding.

  • 9. Ik moet voor 1 januari 2020/2022 investeren, maar heb de financiële middelen niet. Wat nu?

    Wanneer het dierenverblijf op 8 juli 2017 gemiddeld voldeed aan de gestelde emissie-eisen uit bijlage 2, kan een beroep worden gedaan op artikel 1.4, vierde lid Deze bepaling is van toepassing wanneer een ondernemer aantoont dat de inrichting op 8 juli 2017 gemiddeld voldeed en tevens aantoont niet de mogelijkheid te hebben om vóór 1 januari 2022 te investeren. Samen met de ondernemer kan in deze situaties naar een passende oplossing worden gezocht. In alle andere gevallen zullen ondernemers moeten overwegen om te stoppen met het houden van dieren in stallen die niet voldoen. Het ondersteuningsnetwerk kan ondernemers ondersteunen in de keuze voor het bedrijf. Lees hier meer over het ondersteuningsnetwerk.

  • 10. Mijn stallen voldoen gedeeltelijk, moet de rest vóór 1 januari 2020 buiten gebruik worden gesteld?

    Voorbeeld:

    Ik heb 3 stallen, waarvan 2 voldoen aan het Besluit emissiearme huisvesting. Mag ik uitgaan van de datum 1/1/2020 als de 3e stal buiten gebruik wordt gesteld?

    Antwoord:

    Wanneer de inrichting in zijn geheel op 8 juli 2017 niet voldeed aan het Besluit emissiearme huisvesting, moet uiterlijk op 1 januari 2020 worden voldaan aan de gestelde emissie-eisen uit bijlage 2. Het buiten gebruik stellen van de 3e stal doet daar niet aan af. Dat maakt immers niet dat de gehele inrichting op 8 juli 2017 voldeed aan het Besluit emissiearme huisvesting.

  • 11. Gelden de aantallen waaronder geen eisen worden gesteld per inrichting of per stal?

    Deze eisen gelden per inrichting.