Wetstechnische informatie

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieNoord-Brabant
OrganisatietypeProvincie
Officiële naam regelingVerordening provinciale omgevingscommissie provincie Noord-Brabant
CiteertitelVerordening provinciale omgevingscommissie provincie Noord-Brabant
Vastgesteld doorprovinciale staten
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerpmilieubeheer, ruimtelijke ordening, water

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze regeling treedt met terugwerkende kracht in werking op 2 juni 2015.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Wet ruimtelijke ordening
  2. Wet milieubeheer
  3. Wet op de waterhuishouding
  4. Provinciewet

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

28-10-201502-06-2015art. 1, 3, 4, 5, 6, 7, 11, 12, 13, 14

10-07-2015

Provinciaal Blad, 2015, 118

Statenvoorstel 35/15
01-07-200828-10-2015nieuwe regeling

23-05-2008

Provinciaal Blad, 2008, 32

Statenvoorstel 10/08

Inhoud regeling

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening provinciale omgevingscommissie provincie Noord-Brabant

Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant;

BESLUITEN GEZAMENLIJK (ieder voor zover het hun bevoegdheid betreft) de navolgende verordening vast te stellen:

Artikel 1 Instelling

Er is een provinciale omgevingscommissie provincie Noord-Brabant, hierna te noemen de commissie. Deze commissie fungeert als commissie bedoeld in artikel 9.1 van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.41 van de Wet milieubeheer.

Artikel 2 Taak en bevoegdheden

  • 1.

    De commissie wordt vooraf door Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten gehoord over visies, plannen, verordeningen en maatregelen die van wezenlijke betekenis zijn voor het provinciale beleid inzake de fysieke leefomgeving.

  • 2.

    De commissie is bevoegd Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten uit eigen beweging van advies te dienen omtrent wezenlijke vraagstukken betreffende het provinciale beleid inzake de fysieke leefomgeving.

  • 3.

    De commissie doet jaarlijks verslag aan Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten van haar bevindingen.

Artikel 3 Samenstelling

  • 1

    De commissie bestaat uit ten hoogste tien leden.

  • 2

    Bij de benoeming van de leden wordt zorg gedragen voor een evenwichtige spreiding van de leden over het academische werkveld, het publieke werkveld en het private werkveld op het gebied ruimte & omgeving.

  • 3

    Personen die deel uitmaken van of werkzaam zijn onder het provinciaal bestuur kunnen geen lid van de commissie zijn.

Artikel 4 Voorzitter

  • 1.

    Gedeputeerde Staten benoemen de voorzitter na consultatie van het presidium van Provinciale Staten. Voorafgaand aan de benoeming horen zij ook de commissie.

  • 2.

    De voorzitter wordt benoemd voor de duur van vier jaar. De voorzitter kan eenmalig voor de duur van drie jaar worden herbenoemd.

  • 3.

    De voorzitter wordt bij verhindering vervangen door een van de leden van de agendacommissie als bedoeld in artikel 5.

Artikel 5 Agendacommissie

[Vervallen.]

Artikel 6 Secretaris

  • 1.

    Gedeputeerde Staten benoemen een secretaris van de commissie en een plaatsvervangende secretaris, al dan niet afkomstig uit de provinciale organisatie.

  • 2.

    Gedeputeerde Staten voorzien in het secretariaat van de commissie.

Artikel 7 Subcommissies, deskundigen en toelichting

  • 1.

    De commissie kan voor de voorbereiding van bepaalde onderwerpen subcommissies instellen. De subcommissies worden gevormd uit de leden van de commissie.

  • 2.

    De commissie kan deskundigen aanwijzen die aan de vergadering van de commissie deelnemen. Deze deskundigen hebben geen stemrecht.

  • 3.

    De commissie kan leden van Provinciale Staten en van Gedeputeerde Staten en personen werkzaam onder het provinciaal bestuur uitnodigen ter vergadering toelichting en informatie verstrekken.

  • 4.

    De commissie kan ten behoeve van de advisering deskundigen inschakelen.

Artikel 8 Vergaderfrequentie

  • 1.

    De commissie vergadert zo vaak de agendacommissie dat nodig oordeelt.

  • 2.

    Indien tenminste drie leden van de commissie de agendacommissie daarom schriftelijk en met opgaaf van redenen hebben verzocht, wordt binnen een maand na indiening van het verzoek een vergadering gehouden.

Artikel 9 Openbaarheid vergaderingen

  • 1.

    De vergaderingen van de commissie zijn openbaar.

  • 2.

    De commissie besluit dat een vergadering of een gedeelte daarvan niet openbaar is in gevallen waarin de in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur genoemde belangen op de in dat artikel bedoelde wijze kunnen worden geschaad.

  • 3.

    Onverminderd het bepaalde in het tweede lid, worden de deuren gesloten wanneer tenminste twee leden van de commissie daarom verzoeken of de voorzitter het nodig oordeelt. De commissie besluit vervolgens of zij met gesloten deuren zal beraadslagen.

  • 4.

    Provinciale Staten of Gedeputeerde Staten kunnen bij hun verzoek om advies de commissie vragen om het desbetreffende onderwerp met gesloten deuren te behandelen. Nadat de deuren zijn gesloten, besluit de commissie vervolgens of met gesloten deuren wordt beraadslaagd.

Artikel 10 Advisering

  • 1.

    De commissie kan alleen adviseren in die gevallen waarbij een derde of meer van de zitting hebbende leden aanwezig is.

  • 2.

    Indien minder dan een derde van de zitting hebbende leden aanwezig is, kan de commissie besluiten over de aangereikte onderwerpen advies uit te brengen op basis van een schriftelijke raadpleging.

  • 3.

    De agendacommissie kan de commissie verzoeken advies uit te brengen op basis van een schriftelijke dan wel elektronische raadpleging van de leden.

  • 4.

    De adviezen van de commissie worden ondertekend door de voorzitter of namens deze door de secretaris of plaatsvervangende secretaris.

Artikel 11 Nadere regels

[Vervallen.]

Artikel 12 Intrekking

[Vervallen.]

Artikel 13 Overgangsrecht

[Vervallen.]

Artikel 14 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op 1 juli 2008.

Artikel 15 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Verordening provinciale omgevingscommissie provincie Noord-Brabant.

’s-Hertogenbosch, 11 maart 2008

Gedeputeerde Staten voornoemd,

de voorzitter de secretaris

J.R.H. Maij-Weggen drs. W.G.H.M. Rutten

’s-Hertogenbosch, 23 mei 2008

Provinciale Staten voornoemd,

de voorzitter de griffier

J.R.H. Maij-Weggen mw.drs. E.M.W.J. Wöltgens