• Geldig sinds 31 oktober 2010.
    Geldig tot 03 februari 2017.

    Print deze versie:

Inhoud regeling

Tekst van de regeling

Intitulé

Subsidieregeling Biodiversiteit Noord-Brabant

Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant;

 

Gelet op artikel 105 juncto artikel 143 van de Provinciewet;

 

Gelet op artikel  2 en artikel 15 van de Algemene subsidieverordening Provincie Noord-Brabant;

 

Overwegende dat de biodiversiteit in snel tempo afneemt;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten in 2004 de ‘Countdown 2010’- verklaring hebben ondertekend en hiermee de intentie hebben uitgesproken om het verlies aan biodiversiteit in Noord-Brabant terug te dringen;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten in aanvulling op hun natuur- en landschapsbeleid de biodiversiteit buiten de ecologische hoofdstructuur in Noord-Brabant willen stimuleren, verbeteren en monitoren;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten tevens het draagvlak voor biodiversiteit willen vergroten door een beroep te doen op burgers, jongeren, lokale overheden, maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten deze doelstellingen willen bereiken door het verlenen van subsidie voor biodiversiteitsprojecten;

 

Besluiten vast te stellen de volgende subsidieregeling:

Artikel 1      Begripsbepalingen

In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:

  • a.

    agro-biodiversiteit: inschakeling van natuurlijke processen op het agrarische bedrijf en op agrarische percelen ten behoeve van een duurzame productie;

  • b.

    bebouwde omgeving: gebied waar gewoond en gewerkt wordt;

  • c.

    biodiversiteit: verscheidenheid aan gebiedseigen planten en dieren;

  • d.

    cultuurgrond binnen EHS: alle landbouwgrond met een primair agrarische bestemming;

  • e.

    EHS: ecologische hoofdstructuur;

  • f.

    Gedeputeerde Staten: college van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant;

  • g.

    maatschappelijke organisaties: non-profit rechtspersonen die tot doel hebben de natuur en het landschap te verbeteren;

  • h.

    monitoring: in beeld brengen van de huidige biodiversiteit en de ontwikkeling ervan als gevolg van genomen maatregelen;

  • i.

    platteland: gebied buiten de bebouwde kom van een gemeente;

  • j.

    provincie: provincie Noord-Brabant;

  • k.

    voorbereidingskosten: de kosten voor het opstellen van actieplannen en uitvoeringsplannen.

Artikel 2      Doelgroep

Subsidie kan worden aangevraagd door:

  • a.

     publiekrechtelijke rechtspersonen;

  • b.

     privaatrechtelijke rechtspersonen.

     

Artikel 3      Subsidiabele activiteiten

Subsidie kan worden verleend voor de voorbereiding of realisatie van uitvoerings-, communicatie- of monitoringsprojecten buiten de EHS, die gericht zijn op:

  • a.

    de biodiversiteit;

  • b.

    de agro-biodiversiteit.

     

Artikel 4      Weigeringsgronden

Subsidie wordt geweigerd indien:

  • a.

     de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd reeds zijn aangevangen op het tijdstip van indiening van de subsidieaanvraag;

  • b.

     de aangevraagde subsidie minder dan € 1.500 bedraagt.

Artikel 5      Subsidievereisten

  • 1

     

    Om voor subsidie als bedoeld in artikel 3 in aanmerking te komen, heeft het project betrekking op een gebied in Noord-Brabant buiten de EHS en op de agrarische cultuurlandschappen binnen de EHS.

  • 2

    Onverminderd het eerste lid voldoet een project als bedoeld in artikel 3, onder a, aan ten minste een van de volgende vereisten:

    • a.

      het project draagt aantoonbaar bij aan de biodiversiteit in de bebouwde omgeving, het platteland en de overgang tussen beide;

    • b.

      het project draagt aantoonbaar bij aan de vergroting van het draagvlak bij burgers, jongeren, ondernemers en maatschappelijke organisaties;

    • c.

      het project is gericht op de monitoring van de lokale biodiversiteit.

  • 3

    Onverminderd het eerste lid voldoet een project als bedoeld in artikel 3, onder b, aan ten minste een van de volgende vereisten:

    • a.

      het project draagt aantoonbaar bij aan het versterken van agro-biodiversiteit op en langs agrarische percelen;

    • b.

      het project draagt aantoonbaar bij aan het versterken van de biodiversiteit op en rond het agrarische bedrijf;

    • c.

      het project draagt aantoonbaar bij aan de vergroting van draagvlak bij burgers en agrarische ondernemers.

  • 4

    In het geval een subsidieaanvraag uitsluitend betrekking heeft op de voorbereiding van een project als bedoeld in artikel 3, wordt onverminderd het eerste tot en met het derde lid voldaan aan het vereiste dat de realisatie van het betreffende project geborgd is.

Artikel 6      Subsidiabele kosten

Voorzover zij noodzakelijk en adequaat zijn in relatie tot het doel, komen voor subsidie in aanmerking:

  • a.

     voorbereidingskosten;

  • b.

    uitvoerings- en inrichtingskosten;

  • c.

    promotie- en communicatiekosten;

  • d.

     monitoringskosten.

Artikel 7      Niet subsidiabele kosten:

De volgende kosten komen in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking:

  • a.

     kosten van activiteiten die geacht moeten worden tot het normaal onderhoud en beheer te behoren;

  • b.

    kosten die reeds eerder door een publiekrechtelijke rechtspersoon zijn gesubsidieerd;

  • c.

     kosten van activiteiten die voortvloeien uit het voldoen aan wet- en regelgeving.

Artikel 8      Vereisten subsidieaanvraag

  • 1

    Een subsidieaanvraag wordt ingediend bij Gedeputeerde Staten op een daartoe vastgesteld aanvraagformulier.

  • 2

    Subsidieaanvragen kunnen tot en met 30 juni 2011 worden ingediend.

Artikel 9       Subsidieplafond

Voor projecten als bedoeld in artikel 3, onder a en b, stellen Gedeputeerde Staten het subsidieplafond voor de periode 31 oktober 2010 tot en met 30 juni 2011 vast op een bedrag van € 500.000,-.

Artikel 10     Subsidiehoogte

  • 1

    De hoogte van de subsidie als bedoeld in artikel 3, onder a en b, bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 75.000 per project per aanvrager.

  • 2

    Indien subsidie als bedoeld in artikel 3, onder a en b, wordt aangevraagd namens meerdere publiekrechtelijke rechtspersonen, kan, in afwijking van het eerste lid, het maximale subsidiebedrag worden verhoogd met een factor gelijk aan het totaal van het aantal publiekrechtelijke rechtspersonen dat betrokken is bij het project, waarbij de subsidie nooit meer kan bedragen dan 50% van de subsidiabele kosten.

Artikel 11     Behandeling subsidieaanvragen

  • 1

    Aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst.

     

  • 2

    Indien een aanvraag nog niet volledig is, wordt het tijdstip van binnenkomst bepaald door het moment waarop de aanvraag wel volledig is.

Artikel 12     Verplichtingen van de subsidie-ontvanger

De subsidie-ontvanger is in ieder geval verplicht:

  • a.

    binnen dertien weken na de datum van subsidieverlening een aanvang te maken met de subsidiabele activiteiten, tenzij in de beschikking anders is bepaald;

  • b.

    een project als bedoeld in artikel 3, onder a en b, uiterlijk 31 december 2011 gerealiseerd te hebben;

  • c.

    van omstandigheden als gevolg waarvan het redelijkerwijs niet mogelijk is te voldoen aan de verplichtingen, bedoeld onder a en b, binnen 2 weken nadat de subsidie-ontvanger redelijkerwijs op de hoogte kan zijn, schriftelijk melding te doen aan Gedeputeerde Staten.

Artikel 13     Bevoorschotting en betaling

  • 1

    Maximaal 80% van de verleende subsidie wordt bevoorschot.

     

  • 2

    Indien het voorschot als bedoeld in het eerste lid minder dan € 5.000 bedraagt, wordt 100% van de verleende subsidie bevoorschot.

     

  • 3

    Na vaststelling van de subsidie wordt het restantsubsidiebedrag betaald.

Artikel 14     Hardheidsclausule

 

Gedeputeerde Staten kunnen in individuele gevallen bepalingen in deze subsidieregeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing gelet op het belang van het stimuleren, verbeteren en versterken van de biodiversiteit en agro-biodiversiteit buiten de EHS en op de agrarische cultuurgronden binnen de EHS, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 16     Inwerkingtreding

 

Deze subsidieregeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2012.

Artikel 17     Citeertitel

Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Biodiversiteit Noord-Brabant.

 

 

’s-Hertogenbosch, 8 december 2009

Gedeputeerde Staten voornoemd,

de voorzitter  prof. dr. W.B.H.J. van de Donk 

de secretaris drs. W.G.H.M. Rutten

                 

Wetstechnische informatie

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieNoord-Brabant
OrganisatietypeProvincie
Officiële naam regelingSubsidieregeling Biodiversiteit Noord-Brabant
CiteertitelSubsidieregeling Biodiversiteit Noord-Brabant
Vastgesteld doorgedeputeerde staten
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerpduurzaamheid, natuur en landschap, subsidies, financieel kader

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Algemene subsidieverordening Provincie Noord-Brabant, art. 2
  2. Algemene subsidieverordening Provincie Noord-Brabant, art.15

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

31-10-201003-02-2017art. 1, art. 5, art. 8, art. 9, art. 10, art.12, art. 14

12-10-2010

Provinciaal Blad, 2010, 202

202/10