Wetstechnische informatie

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieNoord-Brabant
OrganisatietypeProvincie
Officiële naam regelingRegeling van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant van 12 mei 2020, houdende regels omtrent de subsidiëring van projecten gericht op herstel van bodem en oppervlaktewater in geval van dumping van drugsafval (Subsidieregeling opruiming drugsafval Noord-Brabant 2021-2024)
CiteertitelSubsidieregeling opruiming drugsafval Noord-Brabant 2021-2024
Vastgesteld doorgedeputeerde staten
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerpfinancieel kader

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

De citeertitel van de regeling is gewijzigd.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

https://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Noord-Brabant/275924/CVDR275924_3.html

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2021artikel 6, 8, 9, 16

01-12-2020

prb-2020-9131

C2272117/4794939
27-05-202001-01-2021nieuwe regeling

12-05-2020

prb-2020-3183

C2261752/4696189

Inhoud regeling

Tekst van de regeling

Intitulé

Regeling van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant van 12 mei 2020, houdende regels omtrent de subsidiëring van projecten gericht op herstel van bodem en oppervlaktewater in geval van dumping van drugsafval (Subsidieregeling opruiming drugsafval Noord-Brabant 2021-2024)

Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant,

 

Gelet op artikel 2 van de Algemene subsidieverordening Noord-Brabant;

 

Overwegende dat het wenselijk is een subsidieregeling vast te stellen op grond waarvan subsidie kan worden verstrekt voor projecten gericht op herstel van bodem en oppervlaktewater in geval van dumping van drugsafval, waarbij die projecten kunnen zien op de afvoer en verwijdering van gedumpt drugsafval en verontreinigd oppervlaktewater en de sanering van verontreinigde bodem;

 

Besluiten vast te stellen de volgende regeling:

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

bodem: vaste deel van de aarde met de zich daarin bevindende vloeibare en gasvormige bestanddelen en organismen als bedoeld in artikel 1 van de Wet bodembescherming alsmede de bodem en oevers van een oppervlaktewaterlichaam als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Waterwet;

drugsafval: afval dat ontstaat bij de productie van synthetische drugs;

dumping van drugsafval: in strijd met wet- en regelgeving achterlaten van drugsafval in of op de bodem, dan wel het lozen of storten van drugsafval in oppervlaktewater;

kosten derden: kosten die op factuur aantoonbaar aan derden verschuldigd zijn en die direct ten behoeve van de subsidiabele activiteit worden gemaakt;

oppervlaktewater: vrij aan het aardoppervlak voorkomend water, met de daarin aanwezige stoffen;

sanering van de bodem: nemen van alle maatregelen die redelijkerwijs kunnen worden gevergd teneinde verontreiniging van de bodem en de directe gevolgen daarvan te beperken en zoveel mogelijk ongedaan te maken als bedoeld in artikel 13 van de Wet bodembescherming en artikel 6.8 van de Waterwet;

synthetische drugs: uit chemische grondstoffen geproduceerde verdovende middelen;

verwijdering: verwijdering als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer.

Artikel 2 Doelgroep

Subsidie op grond van deze regeling kan worden aangevraagd door:

  • a.

    gemeenten, omgevingsdiensten of waterschappen;

  • b.

    natuurlijke personen of privaatrechtelijke rechtspersonen die eigenaar of erfpachter zijn van een locatie waar drugsafval is gedumpt;

  • c.

    Staatsbosbeheer als eigenaar van een locatie waar drugsafval is gedumpt.

Artikel 3 Subsidievorm

Gedeputeerde Staten verstrekken op grond van deze regeling projectsubsidies in de vorm van een geldbedrag.

Artikel 4 Subsidiabele activiteiten

Subsidie kan worden verstrekt voor projecten gericht op herstel van bodem en oppervlaktewater in geval van dumping van drugsafval, in de vorm van:

  • a.

    afvoer en verwijdering van gedumpt drugsafval;

  • b.

    afvoer en verwijdering van door gedumpt drugsafval verontreinigd oppervlaktewater; of

  • c.

    sanering van de bodem die is verontreinigd als rechtstreeks gevolg van de aanwezigheid van gedumpt drugsafval.

Artikel 5 Weigeringsgronden

Subsidie wordt geweigerd indien:

  • a.

    de aanvrager verantwoordelijk of medeverantwoordelijk is voor de productie of dumping van het drugsafval of voor de bodemverontreiniging waarop de aanvraag is gericht;

  • b.

    het drugsafval is aangetroffen binnen een ruimte waar de productie van de synthetische drugs plaatsvond;

  • c.

    het drugsafval is gedumpt via het rioolstelsel; of

  • d.

    voor hetzelfde project reeds eerder subsidie is verstrekt op grond van deze of een andere provinciale subsidieregeling.

Artikel 6 Subsidievereisten

  • 1.

    Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten:

    • a.

      het project is uitgevoerd in de provincie Noord-Brabant;

    • b.

      het project is gericht op herstel van bodem of oppervlaktewater in geval van dumping van drugsafval, in de vorm van:

      • 1°.

        afvoer en verwijdering van gedumpt drugsafval;

      • 2°.

        afvoer en verwijdering van door gedumpt drugsafval verontreinigd oppervlaktewater; of

      • 3°.

        sanering van de bodem die is verontreinigd als rechtstreeks gevolg van de aanwezigheid van gedumpt drugsafval;

    • c.

      de locatie waarop drugsafval is gedumpt:

      • 1°.

        is in geval van een aanvrager als bedoeld in artikel 2, onder a, gelegen binnen de territoriale bevoegdheid van de aanvrager; of

      • 2°.

        behoort in geval van een aanvrager als bedoeld in artikel 2, onder b of c, tot het eigendom respectievelijk erfpachtrecht van de aanvrager;

    • d.

      de afvoer en verwijdering van het drugsafval heeft plaatsgevonden in de periode van 1 oktober 2020 tot en met 31 december 2024;

    • e.

      aan het project ligt ten grondslag:

      • 1°.

        een bewijs van melding of aangifte bij de politie van de dumping van het drugsafval in de vorm van een meldingsnummer of proces-verbaalnummer;

      • 2°.

        een beschrijving en foto’s van het gedumpte drugsafval alsmede een kaart met de locatie waar het drugsafval is aangetroffen; en

      • 3°.

        een bewijs van de gemaakte kosten voor de afvoer en verwijdering van het drugsafval of het oppervlaktewater dan wel de sanering van de bodem.

  • 2.

    Onverminderd het eerste lid wordt om voor subsidie als bedoeld in artikel 4, onder a of b, in aanmerking te komen, voldaan aan de volgende vereisten:

    • a.

      het aangetroffen drugsafval dan wel verontreinigde oppervlaktewater is afgevoerd en verwijderd conform de daarvoor geldende wet- en regelgeving;

    • b.

      aan het project ligt een bewijs van afvoer en verwijdering van het drugsafval dan wel verontreinigde oppervlaktewater ten grondslag in de vorm van een afvoerbon.

  • 3.

    Onverminderd het eerste lid wordt om voor subsidie als bedoeld in artikel 4, onder c, in aanmerking te komen, voldaan aan de volgende vereisten:

    • a.

      de bodem is gesaneerd conform de daarvoor geldende wet- en regelgeving;

    • b.

      aan het project ligt een bewijs van sanering van de bodem ten grondslag in de vorm van een saneringsverslag.

Artikel 7 Subsidiabele kosten

Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen voor subsidie in aanmerking de daadwerkelijk gemaakte kosten derden met betrekking tot:

  • a.

    het afvoeren en verwijderen van gedumpt drugsafval;

  • b.

    het afvoeren en verwijderen van door gedumpt drugsafval verontreinigd oppervlaktewater;

  • c.

    het saneren van de uit de dumping voortvloeiende verontreinigde bodem.

Artikel 8 Aanvraagtijdvakken

Subsidieaanvragen worden ingediend van:

  • a.

    1 januari 2021 tot en met 31 december 2021;

  • b.

    1 januari 2022 tot en met 31 december 2022;

  • c.

    1 januari 2023 tot en met 31 december 2023;

  • d.

    1 januari 2024 tot en met 31 januari 2025.

Artikel 9 Subsidieplafond

Gedeputeerde Staten stellen het subsidieplafond vast op:

  • a.

    € 342.410 voor de periode, genoemd in artikel 8, onder a;

  • b.

    € 342.410 voor de periode, genoemd in artikel 8, onder b;

  • c.

    € 342.410 voor de periode, genoemd in artikel 8, onder c;

  • d.

    € 342.410 voor de periode, genoemd in artikel 8, onder d.

Artikel 10 Subsidiehoogte

De hoogte van de subsidie bedraagt:

  • a.

    ingeval de grond of het water waar het project betrekking op heeft eigendom is van een natuurlijke persoon, privaatrechtelijke rechtspersoon of Staatsbosbeheer, dan wel de subsidieaanvrager een natuurlijke persoon of privaatrechtelijke rechtspersoon is die de grond in erfpacht heeft: 100% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 24.999;

  • b.

    ingeval de grond of het water waar het project betrekking op heeft eigendom is van een publiekrechtelijke rechtspersoon als bedoeld in artikel 2, onder a: 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 24.999.

Artikel 11 Verdelingswijzen

  • 1.

    Subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen.

  • 2.

    Indien een subsidieaanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de onderlinge rangschikking, bedoeld in het eerste lid, de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is als datum van binnenkomst.

  • 3.

    Dreigt het subsidieplafond op enige dag te worden overschreden, dan vindt rangschikking van de op die dag binnengekomen volledige subsidieaanvragen plaats door middel van loting, in aanwezigheid van een notaris en ten minste twee onafhankelijke waarnemers.

  • 4.

    De trekking wordt schriftelijk vastgelegd door de notaris, waarbij de aanvragen van hoog naar laag worden gerangschikt in volgorde van trekking.

  • 5.

    Subsidie wordt verdeeld over opeenvolgende aanvragen in de rangschikking die volledig gehonoreerd kunnen worden.

Artikel 12 Subsidievaststelling

De subsidie wordt op grond van artikel 20, eerste lid, onder a, van de Algemene subsidieverordening Noord-Brabant direct vastgesteld.

Artikel 13 Evaluatie

Gedeputeerde Staten zenden in 2021 en vervolgens telkens na twee jaar aan Provinciale Staten een verslag over de werking van deze regeling in de praktijk.

Artikel 14 Intrekking

De Subsidieregeling opruiming drugsafval Noord-Brabant wordt ingetrokken.

Artikel 15 Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 16 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling opruiming drugsafval Noord-Brabant 2021-2024.

’s-Hertogenbosch, 12 mei 2020

Gedeputeerde Staten voornoemd,

de voorzitter

prof. dr. W.B.H.J. van de Donk

de secretaris

drs. M.J.A. van Bijnen MBA