Gedeputeerde Elies Lemkes-Straver

Elies Lemkes, gedeputeerde Landbouw, Voedsel en Natuur

Gedeputeerde Elies Lemkes-Straver (CDA) heeft Landbouw, Voedsel en Natuur in haar portefeuille. In november 2020 vertelde zij in de Nieuwsflits van VABIMPULS te geloven dat ‘met het samenbrengen van landbouw en natuur heel veel meerwaarde te creëren is’. “De boer is in het landschap enorm nodig. In feite kun je niet aan landschapsontwikkeling doen zonder boeren.”

Erik Ronnes, foto: Wim Roefs

Erik Ronnes, gedeputeerde Ruimte en Wonen

Gedeputeerde Erik Ronnes (CDA) is sinds 2020 verantwoordelijk voor de portefeuille Ruimte en Wonen van de provincie Noord-Brabant. In een interview in de Nieuwsflits van VABIMPULS (oktober 2020) vertelde hij boeren perspectief te willen bieden. “De opgave waar we voor staan is groot en wordt steeds complexer. (…) We moeten met elkaar een nieuwe ‘swung’ vinden voor het platteland.”

Jannemarie de Jonge, Rijksadviseur en landschapsarchitecte 

Jannemarie houdt zich als Rijksadviseur vooral bezig met meedenken en adviseren over ruimtelijke ontwikkelingen Nederland. Ze ziet een aantal trends en ontwikkelingen in het landelijke gebied.

Jannemarie de Jonge“Na de oorlog was het credo ‘nooit meer honger’. Dat heeft geleid tot een indrukwekkende groei van de voedselproductie in Nederland. Het accent is verschoven van het gebruiken van menskracht en opbrengend vermogen van de bodem ter plekke naar steeds meer toevoegen van input van elders (mest, voer) en specialisatie in de keten. Het gevolg was een sterke economische groei. Maar deze ontwikkeling leidde ook tot veel ongewenste effecten. Vervreemding van voedsel, verspilling, verlies van diversiteit (landschap, natuur) en vervuiling van het milieu. Maar ook sociaal veranderde er veel; boeren zijn nu een anoniem radertje in het mondiale netwerk.”

“Steeds breder groeit het besef dat het huidige systeem onhoudbaar is. Sociaal, ecologisch, maar ook economisch. Dat vraagt om een nieuwe revolutie die groen, rood en blauw met elkaar verbindt in een nieuwe circulaire economie. Dat vraagt om een aanpak die verder kijkt dan individuele bedrijven. Die meer gebiedsgericht kijken of je tot een slimmere inrichting kan komen door gronden en bebouwing uit te ruilen. Daar zijn nieuwe organisatievormen voor nodig, waar ook een gebiedsfonds bij hoort waarmee je kosten en baten eerlijk kunt verdelen. Daarmee maak je de oplossingsruimte groter.”

Krijn Poppe, landbouweconoom

Krijn Poppe is als landbouweconoom sinds 2016 lid van de onafhankelijke Raad voor de leefomgeving en infrastructuur. De raad adviseert regering en parlement gevraagd en ongevraagd over hoofdlijnen van beleid voor de duurzame ontwikkeling van de leefomgeving en infrastructuur.

Krijn Poppe“Boeren ervaren harde concurrentie op vele gebieden. Zoals in hun eigen bedrijfsvoering in de markt van producten, grondzaken, productieruimte en stikstof. Maar ook op andere vlakken door de sterk toenemende behoefte aan grond vanuit de woningbouw, energietransitie en voor natuurontwikkeling. Het economisch model is vooral gebaseerd op kostprijs en schaalgrootte, gericht op de productie voor de Europese en wereldmarkt. Veel ondernemers bevinden zich op een rotonde en staan voor de keuze verdere schaalvergroting, een eigen productniche, bedrijfsvoering mixen met natuur-/ecosysteemdiensten of een multifunctionele bedrijfsvoering (met bijvoorbeeld energie, zorg, retail, kaasproductie).”

“De verwachting is dat de boerenstand in 2040 gehalveerd is. Daarom moeten de maatschappij en de overheid nadenken wat voor platteland ze willen hebben. Voor de overheid is het belangrijk om duidelijkheid te scheppen in wat waar mag. Ecosysteemdiensten kunnen hierbij het middenbedrijf helpen. Dan zullen vanzelf de ‘juiste’ ondernemers boven komen drijven. De omstandigheden selecteren immers het type ondernemers dat gewenst is. Vanuit de overheid moeten we de boeren helpen keuzes te maken om de sector te herstructureren.”