In 2007 bracht de provincie in kaart hoeveel Brabantse pleegouders er nodig zijn en hoe voldoende geschikte pleegouders beter benaderd kunnen worden. Eén van de conclusies was dat jeugdinstellingen zich nog te veel op traditionele gezinnen richtten bij hun zoektocht. De doelgroep moest duidelijk verbreed worden met alleenstaande ouders, tweeverdieners, homoparen en oudere echtparen. Ook bleek dat betere voorlichting en vooral persoonelijk begeleiding geïnteresseerde gezinnen over de streep konden trekken.
Ervaringsdeskundigen
In opdracht van de provincie deed pleegzorginstelling Kompaan daarom een proef in Midden-Brabant. Medewerkers en pleegouders vroegen in hun eigen omgeving rond of mensen misschien geïnteresseerd waren in pleegouderschap. Ze stonden in een kraam in een ziekenhuishal, of maakten reclame via hun woningbouwvereniging. De ervaringsdeskundigen spraken daarbij niet alleen traditionele gezinnen aan.
Betere begeleiding
Daarnaast pakte Kompaan de selectieprocedure aan. Geïnteresseerden krijgen nu een eigen adviseur die samen met hen bekijkt of pleegouderschap iets voor ze is. Ook de begeleiding van pleegouders is persoonlijker geworden.
Recordaantal aanmeldingen
Het resultaat van de proef in Midden-Brabant: twee keer zoveel aanmeldingen. Daar zitten nu ook pleeggezinnen bij die geen traditioneel gezin vormen. Ook zijn er pleegouders die bijvoorbeeld alleen in het weekend opvang bieden.
Brabantbreed vervolg
De ‘warme’ methode heeft duidelijk effect en krijgt daarom in 2010 een vervolg in heel Brabant.