Het is voor het eerst sinds 2001 dat de groei weer boven de 10.000 is uitgekomen. Het aantal immigranten was afgelopen jaar hoger dan het aantal emigranten. Vanuit het buitenland hebben zich18.600 personen in Brabant gevestigd, terwijl het aantal emigranten daalde tot 13.800. Zowel 2008 als 2009 wijken sterk af van eerdere jaren (2002 t/m 2007), toen meer mensen uit Brabant vertrokken naar het buitenland dan dat er vanuit het buitenland naar Brabant kwamen.
Binnen Nederland zijn 78.000 personen naar Brabant verhuisd. De vertrekstroom omvat 78.800 personen. In deze migratiestromen zijn ook de verhuizingen tussen gemeenten in Brabant opgenomen. De migratiestromen liggen op een beduidend lager niveau dan in de jaren daarvoor, waarschijnlijk vanwege de economische ontwikkelingen en de situatie op de woningmarkt. Opvallend verder is dat vooral studerende jongeren en jong-volwassenen (tot 30 jaar) vertrekken uit Brabant. Dit vertrekoverschot wordt onvoldoende gecompenseerd door vestigingsoverschotten in de andere leeftijdsgroepen.
Natuurlijke groei
De natuurlijke groei, oftewel het verschil tussen geboorte en sterfte, neemt af. Dit komt vooral door het teruggelopen aantal geboorten: van ruim 30.000 in 2000 naar 25.600 in 2009. Het aantal van 19.300 sterfgevallen wijkt daarentegen weinig af van voorgaande jaren, ondanks de toenemende vergrijzing. De verwachting is dat rond 2030 de Brabantse bevolking als totaal gaat krimpen door de vergrijzing.
Grote steden
Anno 2010 woont 68% van de Brabantse bevolking in een stedelijke regio. Eén op de drie Brabanders (33,5%) woont in de vijf grote steden. Den Bosch (met een bevolkingsgroei van 1.980), Eindhoven (1.770), Breda (1.530), Tilburg (1.460) en Helmond (580) kennen alle een bovengemiddelde groei. In de overige gemeenten van de stedelijke regio’s en in de landelijke gemeenten groeide het inwonertal beduidend minder sterk (beide 0,2%).